**1..** De regeling kan door de deelnemers worden gewijzigd op voorstel van het algemeen bestuur. Het dagelijks bestuur van de BWB alsmede het dagelijks bestuur van het waterschap en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten kunnen het algemeen bestuur oproepen om een wijzigingsvoorstel vast te stellen.
**2..** Het dagelijks bestuur zendt de deelnemers het voorstel tot wijziging, alsmede het advies van het algemeen bestuur daaromtrent toe en verzoekt de deelnemers tot het nemen van een besluit omtrent de voorgestelde wijziging. Van hun besluit stellen de deelnemers het algemeen bestuur schriftelijk in kennis.
**3..** Het dagelijks bestuur van het waterschap en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten besluiten omtrent de voorgestelde wijziging nadat zij daartoe toestemming hebben verkregen van het algemeen bestuur van het waterschap dan wel de raden van de gemeenten.
**4..** Een wijziging van de regeling is tot stand gekomen wanneer tweederde van de deelnemers op de wijze als vermeld in lid 2 zich daarvoor heeft verklaard.
**5..** In afwijking van de vorige leden van dit artikel kan een wijziging of intrekking van artikel 31 lid 2 en van dit lid slechts plaats vinden bij een unaniem besluit van alle deelnemers aan de regeling.
Hoofdstuk 12:
Artikel 38