1. In de begroting wordt aangegeven welke bijdrage elke afzonderlijke gemeente verschuldigd is voor het jaar waarop de begroting betrekking heeft. Daarbij zal voor de uniforme taken een verdeelsleutel worden gehanteerd, die uitgaat van het aantal inwoners volgens de door het Centraal Bureau voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers per 1 januari van het jaar, voorafgaand aan dat, waarvoor de bijdrage verschuldigd is.
2. Voor de berekening van de bijdragen van de gemeenten wordt rekening gehouden met bijdragen van het Rijk en van anderen.
3. De deelnemende gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks vóór 16 januari en 16 juli telkens de helft van de verschuldigde bijdrage.
4. De deelnemende gemeenten dragen er zorg voor dat de GGD Gelderland-Zuid te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.
5. Indien aan het algemeen bestuur blijkt dat een deelnemende gemeente weigert de in de vorige leden van dit artikel bedoelde bijdragen in zijn begroting op te nemen, doet het algemeen bestuur aan Gedeputeerde Staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 van de Gemeentewet.
6. In afwijking van het eerste lid kan het algemeen bestuur besluiten tot het hanteren van een andere verrekenings- of financieringswijze, naar gelang de wijze van uitvoering en de soort taak.
HOOFDSTUK 13
Artikel 32
Bijdragen van de gemeenten
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Gemeentelijke Gezondheidsdienst Gelderland-Zuid