Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 13

Artikel 33

Jaarrekening

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Gemeentelijke Gezondheidsdienst Gelderland-Zuid

1. . Het dagelijks bestuur zendt vóór 1 april van het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft de voorlopige jaarrekening (met daarbij gevoegd de accountantsverklaring) en het jaarverslag aan de raden van de deelnemende gemeenten. 2. . De raden van de deelnemende gemeenten kunnen binnen een termijn van acht weken bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de jaarrekening naar voren brengen. 3. . Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast vóór 15 juli, in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. 4. . Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli, van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan Gedeputeerde Staten. 5. . Vaststelling van de jaarrekening strekt het dagelijks bestuur tot decharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onregelmatigheden. 6. . In de jaarrekening wordt het door elk van de deelnemende gemeenten over het desbetreffende jaar werkelijk verschuldigde bedrag opgenomen. 7. . De kosten worden, rekening houdende met andere inkomsten, over de deelnemende gemeenten verdeeld conform de bij de begroting vastgestelde systematiek. 8. . Verrekening van het verschil tussen het op grond van artikel 33 van deze regeling bepaalde en het werkelijk verschuldigde, vindt plaats terstond na de mededeling van de vaststelling van de jaarrekening.

Rechtspraak bij dit artikel