**1..** Het onderzoek op de ingediende verantwoordingen wordt elke twee jaar uitgevoerd door een accountant die daartoe opdracht heeft gekregen van de raad.
**2..** De Accountant onderzoekt in samenwerking met de griffie de ordentelijkheid van de boekhouding en de aanwezigheid van facturen, overeenkomstig de bestedingsdoelen zoals genoemd in artikel 20.
**3..** De accountant legt binnen 4 maanden na ontvangen van de verantwoording een rapport van feitelijke bevindingen aan de raad voor. Hierin wordt vermeld of fracties zich gehouden hebben aan de bestedingsdoelen uit artikel 20 en of is voldaan aan de rekening en verantwoording zoals omschreven in artikel 21.
**4..** Als de accountant constateert dat de verantwoording niet conform artikel 21 of een besteding niet conform de in artikel 20 genoemde kaders is, dan wordt daarvan een feitelijke bevinding genoteerd in het rapport.
**5..** Naar aanleiding van het rapport van feitelijke bevindingen kan de raad besluiten nader onderzoek naar de besteding van fractievergoeding(en). Indien de raad hiertoe besluit, wordt een verzoek gedaan aan een onafhankelijke deskundige partij om dit onderzoek uit te voeren. Dit onderzoek richt zich op de vraag of de besteding van fractievergoedingen rechtmatig is en of geleverde producten of diensten in verhouding staan tot de kosten. Een fractie is verplicht om medewerking te verlenen aan het onderzoek.
**6..** Indien uit het onderzoeksrapport van de onafhankelijke deskundige blijkt dat er sprake is van onrechtmatigheden, kan worden besloten tot het terugvorderen van de fractievergoeding.
**7..** Gedurende de looptijd van het externe onderzoek kan de uitbetaling van de volgende termijn van de fractievergoeding worden opgeschort.