Beoordelingscriteria
Uitgangspunten
- - Houten constructieonderdelen, zoals kappen en balklagen kunnen historische waarde hebben omdat ze iets zeggen over het vakmanschap en het materiaalgebruik uit het verleden. Daarnaast kunnen ze mooi zijn om naar te kijken. Als deze onderdelen monumentale waarde hebben, is het behoud ervan het uitgangspunt.
- - Voor nieuwe trappen geldt het uitgangspunt om gebruik te maken van bestaande ravelingen of de trappen te plaatsen tussen de balken. Nieuwe ravelingen zijn mogelijk in monumentale balklagen die positief zijn gewaardeerd, onder de voorwaarde dat de ingreep onoverkomelijk is. Bij houtconstructies met een hoge monumentale en uniciteitswaarde zijn extra ravelingen in principe niet mogelijk.
- - Bij het aanbrengen van nieuwe dakkapellen is het behoud van de monumentale kapconstructie en vooral van alle monumentale spantbenen leidend.
- - De toepassing van staalconstructies of stalen hulpconstructies in houten constructies is onwenselijk. Staal heeft een andere uitzettingscoëfficiënt dan hout waardoor spanningen kunnen ontstaan. Alleen in uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld wanneer een balk met beschildering rot is, is de toepassing van staal bespreekbaar. Indien nodig, zijn verstijvingen in overleg met de erfgoedadviseur en een constructeur toegestaan.
Technische aanwijzingen
Vergunningsplicht
- - Het herstel van houten balken en constructieonderdelen is vergunningvrij. Het vervangen van houten balken en constructieonderdelen is vergunningsplichtig.
- - Het treffen van voorzieningen om in muren opgelegde balkkoppen te beschermen tegen vocht is vergunningsplichtig. Voor bijvoorbeeld de geventileerde plaatsing van een balkkop of het aanbrengen van een kunststof omhulsel om een balkkop (cap) moet muurwerk worden weggehaald hetgeen ten koste gaat van historisch materiaal.
- - Het grotendeels of integraal vervangen van sporen is vergunningsplichtig. Het vervangen van 20% van de sporen (tot een maximum van 30 sporen) is vergunningvrij.
- - Het (preventief) aanbrengen van injectiepluggen tegen insectenaantasting is niet toegestaan. De methode werkt niet of nauwelijks en is daarnaast zeer ontsierend.
- - Grotendeels of integraal vloerhout vervangen is vergunningsplichtig. Plaatselijk aangetast vloerhout mag tot 20% van de oppervlakte en een maximum van 10 m² vergunningvrij worden hersteld.
- - Het aanbrengen van dakbeschot op onbeschoten dakconstructies is vergunningsplichtig. De werkzaamheden zijn ingrijpend en kunnen verregaande gevolgen hebben voor het gebruik van de zolder, wat negatief kan zijn voor de historische constructie en/of het monument.
Uitvoeringseisen
- - Onderdelen die zijn aangetast door insecten en/of schimmels mogen pas vervangen worden als de onderdelen onvoldoende draagvermogen hebben en/of bestrijding niet mogelijk is. De aanwezigheid van insecten of schimmels betekent niet altijd dat het ‘aangetaste’ hout moet worden vervangen. In voorkomende gevallen kan bij een beperkte aantasting worden volstaan met het verlagen van het vochtgehalte in het hout en/of het toepassen van een bestrijdingsmiddel.
- - Slechte onderdelen moeten niet in hun geheel worden vervangen, maar afgezaagd tot voorbij het onaangetaste, gezonde hout en aangelast (schuine lip- of haaklas; Lengte las = 2 tot 2,5 x hoogte balk) in beginsel met dezelfde houtsoort van hetzelfde formaat. Indien meer dan 40% van een onderdeel is aangetast, is volledige vervanging van dat onderdeel toegestaan.
- - Het gebruik van epoxyharsen ter vervanging van balkkoppen en dergelijke is toegestaan tot maximaal 1/5 van de overspanning met een maximum van 1,20 meter. Rekentechnisch moet worden aangetoond of de gerepareerde balk voldoende draagvermogen heeft.
- - Herstellingen moeten hetzelfde uiterlijk en dezelfde profileringen hebben als het origineel.
- - Voor de aanleg van leidingen mag niet door historische houtconstructies worden geboord.
Toelichting
Voor beschilderde en afgewerkte onderdelen van houten kappen en balklagen, zie 8.6 en 8.7.