De parkeereis is gebaseerd op de bouwverordening of bestemmingsplan. In de bouwverordening staat tevens een mogelijkheid om ontheffing van de parkeereis te verlenen.
Ontheffing kan:
voor zover op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingsruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien;
indien het voldoen aan de parkeereis op zodanige bezwaren stuit, dat aan deze bezwaren een doorslaggevende betekenis moet worden gegeven.
In specifieke uitzonderingsgevallen.
Ad a. Het op een andere wijze voorzien in de nodige parkeer- of stallingsruimte kan op de volgende manieren:
gebruik maken van de bestaande parkeermogelijkheden in de openbare ruimte
gebruik maken van openbaar toegankelijke parkeergarages
aanleggen van nieuwe parkeerplaatsen in de openbare ruimte.
Gebruik van parkeerplaatsen in de openbare ruimte is alleen mogelijk, indien nog voldoende parkeerplaatsen beschikbaar zijn. De grens is gelegd op een piekbelasting van 80% parkeerdruk, de nieuwe vraag meegerekend. (een druk van 90% of meer wordt beschouwd als een kritische grens). Bij deze specifieke ontheffing is de fysieke parkeerplaats direct beschikbaar, maar legt wel beslag op de beperkte openbare ruimte.
Aan het door burgemeester en wethouders verlenen van deze ontheffing wordt een financiële consequentie –de parkeerbijdrage- gekoppeld.
Ook als de aanvrager op acceptabele afstand van het plan voldoende nieuwe parkeerplaatsen realiseert buiten de openbare ruimte kan een ontheffing worden verleend. Aan deze ontheffing wordt geen financiële eis gekoppeld omdat geen beslag wordt gelegd op de openbare ruimte.
Voor wonen ligt de grens van ‘acceptabele afstand’ in het centrum van Reuver en de kern van Beesel in principe op 400m loopafstand, daarbuiten op 200m loopafstand.
Ad b. Ontheffing is pas aan de orde indien zich een bijzondere omstandigheid voordoet: het scheppen van parkeergelegenheid op eigen terrein moet zodanige bezwaren opleveren dat aan deze bezwaren doorslaggevende betekenis moet worden gegeven. Daarbij valt te denken aan omstandigheden van stedenbouwkundige, esthetische, historische, monumentale of verkeerskundige aard die tot gevolg hebben dat het fysiek niet mogelijk is of ongewenst is om op of onder het bouwterrein de vereiste parkeergelegenheid te realiseren.
De ontheffing wordt verleend, omdat er volgens het college van burgemeester en wethouders redenen zijn waarom het belang van het plan groter is dan het voldoen aan de parkeereis. Aan het verlenen van deze ontheffing wordt een financiële consequentie –parkeerbijdrage- gekoppeld.
Enkele situaties die zich kunnen voordoen:
De locatie leent zich niet voor het aanbrengen van parkeerplaatsen op of onder die locatie en/of het gebouw leent zich niet voor het aanbrengen van parkeerplaatsen in, op of onder dat gebouw.
Het is technisch zeer ingewikkeld om te voldoen aan de parkeereis.
De kosten per parkeerplaats zijn buiten proportioneel hoog (minimaal 50% hoger dan de normale richtprijs voor een dergelijke voor de locatie/gebouw geschikte parkeerplaats, en daarmee wordt de investering in de parkeervoorziening ten opzichte van de totale investering buitenproportioneel groot.
Ad c. In specifieke uitzonderingsgevallen kunnen Burgemeester en wethouders ontheffing verlenen zonder het heffen van een parkeerbijdrage. Van de onvoorwaardelijke ontheffingsmogelijkheid – zonder parkeerbijdrage of aanleg vervangende ruimte– dient spaarzaam gebruik te worden gemaakt. Deze mogelijkheid is voorbehouden aan bijzondere omstandigheden. In dit geval is alleen het college van burgemeester en wethouders besluitbevoegd (geen mandaat).
Het verlenen van een ontheffing is vervolgens nog steeds geen plicht. Het college van burgemeester en wethouders kan altijd beslissen dat er onvoldoende redenen zijn om ontheffing op de parkeereis te verlenen.
Hoofdstuk 1 › Paragraaf 1.3
Artikel 1.3.2
Verlenen ontheffing op parkeereis: nadere beleidsregels
Onderdeel van Parkeerbijdrageregeling Beesel 2013