Een aanvraag voor een exploitatievergunning voor een seksbedrijf wordt getoetst aan de geldende wet- en regelgeving. Daarnaast wordt getoetst of de vergunningaanvraag voldoet aan de gestelde eisen van artikel 1:3 APV en of de exploitant en/of beheerder voldoet aan de gedragseisen zoals gesteld in artikel 3:5. De vergunning kan worden geweigerd op basis van de weigeringsgronden zoals genoemd in artikel 1:8 APV.
In onderstaande tabel zijn de toetsingscriteria omschreven waar een vergunningaanvraag voor een nieuw seksbedrijf én waar een aanvraag voor de uitbreiding van een bestaand seksbedrijf aan moeten voldoen.
Soort aanvraag
Toetsingscriteria
Alle aanvragen voor seksbedrijven
De vereisten voor een vergunningaanvraag uit de APV. Onder andere de moraliteit van betrokken exploitanten en beheerders, oftewel levensgedrag.
Een actuele verklaring ‘betalingsgedrag nakoming fiscale verplichtingen’ van de Belastingdienst. Uit de verklaring moet blijken dat de exploitant van goed betalingsgedrag is. Het gaat dan specifiek om belastingen die relevant zijn voor de bedrijfsvoering van het seksbedrijf.
Wet Bibob
Het bestemmingsplan
Aanvraag nieuwe seksinrichting
Wanneer er sprake is van een aanvraag voor een seksinrichting (dus geen escortbedrijf), wordt aanvullend getoetst aan:
Vereisten pand: de exploitant is verplicht om te voldoen aan de richtlijnen van het Landelijk Centrum voor Hygiëne en Veiligheid, de bouwkundige voorschriften en brandveiligheidseisen zoals bepaald in het Bouwbesluit.
Aanvraag prostitutie/escortbedrijf
Wanneer er sprake is van bedrijfsmatige prostitutie wordt door de gemeente en de politie aanvullend getoetst aan het:
Bedrijfsplan (zie bijlage)
Aanvraag uitbreiding vergunning m2
Bij bestaande inrichtingen worden uitbreiding in m2 of werkruimtes getoetst aan:
Het bestemmingsplan
Vereisten pand: de exploitant is verplicht om te voldoen aan de richtlijnen van het Landelijk Centrum voor Hygiëne en Veiligheid, de bouwkundige voorschriften en brandveiligheidseisen zoals bepaald in het Bouwbesluit.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2