Naar hoofdinhoud
1.. De aanvrager maakt bij de aanvraag tot subsidieverlening gebruik van een door het College vastgesteld aanvraagformulier alsmede voorgeschreven bijlagen. 2.. Tenzij het College anders bepaalt, dienen aanvragen om subsidieverlening ten behoeve van activiteiten gedurende het gehele kalenderjaar op grond van deze verordening voor 1 september van het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft, te zijn ingediend. 3.. Bij de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening zoals bedoeld in artikel 6 lid 2 wordt een prognose ingediend van het te verwachten aantal cliënten dat een voorziening beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang wordt geboden op 1 januari van het kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt gevraagd en de daarbij te verwachten kosten. 4.. In afwijking van artikel 6 lid 2 kan een aanbieder een aanvraag tot subsidieverlening indienen gedurende het kalenderjaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft indien: de aanvrager gedurende dat jaar geconfronteerd wordt kosten als gevolg van noodzakelijke omzetting van bekostiging van cliënten en/of het met spoed bieden van voorzieningen van beschermd wonen en maatschappelijke opvang aan cliënten na een besluit van de gemeente en/of een door de regiogemeenten gemandateerd toegangsorgaan en; er zonder (aanvullende) subsidiering in redelijkheid geen continuïteit van beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang aan de betreffende cliënt(en) door de aanvrager kan worden geboden en; deze continuïteit van beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang wel in het belang is van het herstel van de betreffende cliënt(en) en ook de wens is van de betreffende cliënt(en); 5.. Bij de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening zoals bedoeld in artikel 6 lid 4 wordt een prognose ingediend van het te verwachten aantal cliënten dat een voorziening beschermd wonen en/of maatschappelijke opvang wordt geboden gedurende het tijdvak binnen het kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt gevraagd en de daarbij te verwachten kosten.

Rechtspraak bij dit artikel