Indien de toezichthouder tijdens een onderzoek een situatie tegenkomt waarin het nemen van maatregelen redelijkerwijs geen uitstel kan lijden, kan de toezichthouder zelf ingrijpen. Dit gebeurt met een schriftelijk bevel. Dit bevel heeft een geldigheidsduur van 7 dagen. In het bevel geeft de toezichthouder aan wat de overtreding(en) is/zijn en welke actie de houder moet ondernemen en binnen welke termijn dit dient te gebeuren.
De toezichthouder informeert onmiddellijk de gemeente over het opgelegde schriftelijk bevel. Hierdoor is de gemeente tijdig op de hoogte om eventueel vervolgstappen (zoals verlenging van het schriftelijk bevel) te nemen. Verlenging van een schriftelijk bevel moet gebeuren op dag zeven, door het uitsturen van een brief met dit besluit, zodat deze op dag acht ingaat. Eventueel aangevuld met het uitsturen van een mail op dag zeven waaraan het besluit is toegevoegd. De periode van verlenging is afhankelijk van de overtreding en omstandigheden en aan de gemeente om te bepalen.
Hoofdstuk
Artikel 4.4