Een ontheffing voor het verbranden van houtachtige gewassen die op een andere wijze vrijkomen dan genoemd onder paragraaf 4.3, zal niet worden verleend. Snoeihout en takken afkomstig van bijvoorbeeld tuinonderhoud in het buitengebied wordt niet aangemerkt als een afvalstof afkomstig van onderhoud van landschappelijke elementen en mogen niet worden verbrand. Dat groenafval moet worden afgevoerd (container, milieustraat), of verwerkt in een composthoop of moet worden versnipperd. Verder mag binnen de bebouwde kom geen snoeihout worden verbrand. Ook mogen snoeihout en takken, afkomstig van binnen de bebouwde kom, niet buiten de bebouwde kom worden verbrand.