Na het onderzoek wordt door de functionaris integriteit (FI) aan interne en externe bij het onderzoek betrokken personen gevraagd of behoefte is aan nazorg. Als dit zo is, dan wordt dit door de werkgever geboden. Gesprekken met bovenstaande personen kunnen individueel of groepsgewijs plaats vinden, met of zonder de verantwoordelijke of (hogere) leidinggevende. De functionaris integriteit (FI) kan ondersteuning geven aan deze gesprekken.
Een afgerond onderzoek naar een vermoeden van integriteitschending kan aanleiding zijn om in (een) bijeenkomst(en) met werknemers van de betreffende afdeling lering te trekken uit wat is voorgevallen. Ook hierbij kan de functionaris integriteit (FI) ondersteuning bieden.
Een uitkomst van het feitenonderzoek kan ook zijn dat betrokkene geen schending heeft gepleegd. Soms kan dat pas worden aangetoond na een zwaar onderzoek waarbij betrokkene in het belang van het onderzoek bijvoorbeeld ook nog in het kader van een noodzakelijk geachte ordemaatregel is geschorst. Indien aan de orde kan ten aanzien van betrokkene eerherstel of rectificatie worden verleend.