Burgemeester en wethouders kunnen bij omgevingsvergunning afwijken van het verbod tot het oprichten van logies bij een bedrijf buiten de bebouwde kom voor maximaal 10 jaar onder voorwaarde dat:
de logiesfunctie in een bedrijfspand wordt gerealiseerd;
de logiesfunctie uitsluitende bestemd is voor de huisvesting van arbeidsmigranten welke werkzaam zijn bij het bedrijf waar de logiesfunctie wordt gerealiseerd;
er maximaal 10 arbeidsmigranten bij het bedrijf gehuisvest worden;
de organisatie die de huisvesting aanbiedt is geregistreerd in het SNF-register. Indien deze stichting wordt opgeheven, kan worden volstaan met een vergelijkbare certificering van een andere organisatie;
er minimaal 10 m2 privéruimte/per slaapkamer beschikbaar is;
de oppervlakte van slaapkamers maximaal 25 m2 bedragen;
er een planschadeovereenkomst is ondertekend door initiatiefnemer;
door de initiatiefnemer een door de gemeente goedgekeurd participatieplan is ingediend waarin beschreven staat:
hoe de aanvrager de omwonenden actief betrekt bij zijn plannen;
een protocol over hoe met overlastsituaties wordt omgegaan waarbij in ieder geval is opgenomen dat er een aanspreekpunt of contactpersoon aangewezen is die 24 uur per dag bereikbaar is voor vragen en klachten van zowel omwonenden als gebruikers van de logies;
welke huisregels er gelden met bijbehorende sancties.
in afwijking van het bepaalde onder 1 is plaatsing van één of meerdere woonunits toegestaan als er aantoonbaar sprake is van noodzaak;
plaatsing van een woonunit wordt uitsluitend toegestaan als een verbouwing van een bedrijfspand constructief niet mogelijk is of financieel onevenredig is;
plaatsing van woonunits moet binnen het bouwvlak plaatsvinden;
de totale oppervlakte aan woonunits mag maximaal 225 m2 bedragen;
de plaatsing van de units planologisch, milieuhygiënisch en stedenbouwkundig aanvaardbaar is;
bij de aanvraag om omgevingsvergunning wordt een door de gemeente op voorhand goedgekeurd erfinrichtingsplan ingediend, waarvan de aanleg en instandhouding als voorwaardelijke verplichting bij de vergunning wordt opgenomen.
Deel C: aanvulling op artikel 4 van de beleidsregels voor de toepassing van planologische gebruiksactiviteiten op grond van artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (2015)
Artikel 6