Naar hoofdinhoud
Een arrangement houdt in dat een zorgaanbieder een geldbedrag per vier weken ontvangt, waarmee de zorgaanbieder, samen met de cliënt, resultaten gaat behalen op een zestal resultaatgebieden. Deze resultaatgebieden zijn: Ondersteuning bij sociaal en persoonlijk functioneren Ondersteuning en regie bij het voeren van een huishouden Ondersteuning bij administratie en financiën Zinvolle dagbesteding Respijtzorg ter ontlasting mantelzorgers Opplusmogelijkheid Resultaatgebied 5 Zelfzorg is vanaf 2019 geen apart resultaatgebied meer maar onderdeel geworden van resultaatgebied 1. Resultaatgebied 6 Beschermd wonen is wel opgenomen in deze beleidsregels maar hebben een andere werkwijze dan de overige resultaatgebieden. De essentie van het arrangementenmodel is dat het Wmo team samen met de inwoner de doelen en beoogde resultaten bepaalt (het wat) en dat de zorgaanbieder vanuit de eigen expertise binnen een bepaalde bandbreedte bepaalt hoe en wanneer er, samen met de cliënt, aan deze doelen en resultaten gewerkt gaat worden (het hoe). Binnen de resultaatgebieden onderscheiden we verschillende intensiteiten. Welke intensiteit wordt ingezet is afhankelijk van de zwaarte van de ondersteuningsbehoefte van de cliënt. De zorgaanbieder is vervolgens vrij om te bepalen hoeveel eenheden (uren of dagdelen) worden ingezet en door welk type medewerker (veel of weinig ervaring, lager of hoger opleidingsniveau), zolang het beoogde resultaat maar wordt bereikt. Een arrangement biedt meer flexibiliteit om de dienstverlening te leveren die echt nodig is. Dit betekent ook dat zorgaanbieders afhankelijk van de behoeften van de client de ene week meer ondersteuning kunnen bieden dan de andere week. De arrangementen zijn in drie sectoren ingedeeld. Dit betreft : de groep Verpleging, Verzorging en Thuiszorg (VVT): voornamelijk ouderen met een lichamelijk- of cognitieve achteruitgang en chronische zieken. de groep Geestelijke gezondheidszorg (GGZ); mensen met psychische, psychiatrische of psychosociale beperkingen, inclusief autismespectrum stoornissen. de groep Gehandicaptenzorg (GZ); mensen met lichamelijke, verstandelijke- of zintuigelijke (soms meervoudige) beperkingen, waaronder ook niet aangeboren hersenletsel. De tarieven per sector verschillen bij sommige resultaatgebieden vanwege verschillen in de zorgzwaarte. Als er sprake is van meerdere aandoeningen, waardoor mensen bij meerdere sectoren thuishoren, is het aan de consulent om de meest passende sector te bepalen. Mocht bij een oudere inwoner met psychiatrische problematiek beter ingezet worden op zijn psychiatrische problematiek dan zijn lichamelijke of cognitieve achteruitgang, kan een arrangement vanuit de sector GGZ worden ingezet.

Rechtspraak bij dit artikel