1.. Woonruimte wordt aangeboden via het aanbodmodel of het lotingmodel.

2.. 20% van het woningaanbod als bedoeld in lid 1 wordt via het lotingmodel aangeboden.

3.. Burgemeester en wethouders kunnen woonruimte voor specifieke doelgroepen als bedoeld in artikel 15, in afwijking van het eerste lid, direct bemiddelen.

4.. De woningcorporaties mogen als vrije beleidsruimte maximaal 2% van het vrijkomende woningaanbod per corporatie direct bemiddelen.

5.. Lid 1 t/m 4 is niet van toepassing op woonruimte als bedoeld in artikel 2, derde lid. Woonruimte als bedoeld in artikel 2, derde lid, wordt aangeboden via het lotingmodel met toepassing van artikel 10a, 11 en 13.