In de situatie waarbij de rekenhuur de maximale huurgrens overstijgt en er geen recht bestaat op een huurtoeslag, is een WKT mogelijk uiterlijk voor 6 maanden. De berekeningsmethodiek (formulier woonkostentoeslag van Schulinck) komt overeen met de berekening van de huurtoeslag. Daarnaast is de vermogensvrijlating als bedoeld in artikel 34, tweede en derde lid Participatiewet, niet van toe-passing. Dat betekent dat het eigen vermogen eerst ingezet moet worden om de woonlasten zelf te voldoen. Wel kan een bedrag van twee keer het geldende normbedrag genoemd in Hoofdstuk 3, pa-ragraaf 3.2 en 3.3 Participatiewet worden vrijgelaten.
Aan de bijstandsverlening zijn de volgende verplichtingen verbonden:
binnen een maand na aanvraag inschrijven als woningzoekende bij de WBO voor goedkopere woonruimte;
het accepteren van woonruimte: de huur moet minder bedragen dan de maximum huurgrens.
Men krijgt de mogelijkheid om binnen 6 maanden goedkopere woonruimte te zoeken. Deze termijn kan de gemeente telkens met 3 maanden verlengen, als buiten eigen toedoen nog geen goedkope-re huisvesting is gevonden. Om voor verlenging in aanmerking te komen moet men kunnen aanto-nen dat men:
staat ingeschreven bij de WBO;
heeft gereageerd op vrijkomende huurwoningen.
Als men zich niet aan de opgelegde verplichting houdt, beëindigt de gemeente de WKT. Dit geldt ook als men zelf de kosten boven de maximale huurgrens voor zijn rekening wil nemen.
Artikel 3.2