In het kader van de treasuryfunctie gelden de volgende algemene uitgangspunten op het gebied van administratieve organisatie en interne controle:
**1..** De taken en bevoegdheden van treasuryactiviteiten zijn op eenduidige wijze schriftelijk vastgelegd;
**2..** Bevoegdheden zijn via mandaat nader schriftelijk vastgelegd;
**3..** Bij de uit te voeren treasuryactiviteiten is functiescheiding doorgevoerd met als belangrijkste voorwaarden:
iedere transactie wordt door minimaal twee functionarissen geautoriseerd (het vier-ogen-principe);
de uitvoering en de controle wordt uitgevoerd door afzonderlijke functionarissen;
de registratie en fiattering voor betaling in de financiële administratie geschiedt door afzonderlijke functionarissen.
**4..** Tegenpartijen wordt opdracht gegeven bevestigingen van iedere transactie naar de financiële administratie te versturen zonder tussenkomst van de personen die bevoegd zijn tot het sluiten van de transacties;
**5..** Een transactie wordt onmiddellijk geregistreerd door de functionaris die de transactie heeft afgesloten;
**6..** Na ontvangst van de transactiebevestiging wordt de transactie direct gecontroleerd door de teamleider administratie.
Hoofdstuk 2. › Paragraaf XV
Artikel 15