Naar hoofdinhoud
De kaderstelling rondom het grondprijsbeleid is geformuleerd in de afzonderlijke Nota Grondprijsbeleid. Met deze stelt de raad de uitgangspunten vast voor de grondprijsbepaling bij de uitgifte van grond door de gemeente. Het vaststellen van de Nota Grondprijsbeleid dient de volgende belangen: uniformiteit en objectiviteit: gelijksoortige zaken worden gelijk behandeld, zonder aanzien des persoons; transparantie: zowel naar marktpartijen, burgers als het bestuur wordt inzicht geboden in de grondprijzen die de gemeente hanteert; Deze nota wordt vastgesteld door de raad met bijbehorende grondprijzenbrief. De bedragen worden jaarlijks via de Grondprijsbrief geactualiseerd en vormen het kader waarbinnen de gemeente tot grondprijsbepaling komt. Deze brief monitort de marktontwikkelingen in het lopende jaar en anticipeert op eventuele gevolgen voor de grondwaarde per functie en de daarbinnen onderscheiden typologieën. Uitgangspunt voor het bepalen van marktconforme grondprijzen is de residuele waardemethodiek. Beleidskader 7 | financiële kaders De financiële kaders worden hoofdzakelijk bepaald door hetgeen wat is voortschreven in de ‘Notitie Grondbeleid in begroting en jaarstukken’ van de Commissie BBV (2019). De gemeente actualiseert jaarlijks de grondexploitaties door middel van het opstellen van een Meerjaren Prognose Grondexploitaties (MPG). Voor de grondexploitaties maken we kwantitatieve risicoanalyses (Monte Carlo risicosimulatie). De kaderstelling rondom het grondprijsbeleid is geformuleerd in de afzonderlijke nota Grondprijsbeleid. Uitgangspunt voor het bepalen van marktconforme grondprijzen is de residuele waardemethodiek.

Rechtspraak bij dit artikel