Naar hoofdinhoud
Zoals in het vorengaande aangegeven betekent de ‘consoliderende strategie’ in grote lijnen een voortzetting en bundeling van het huidige beleid met wellicht een (beperkte) aanvulling. Deze minimale variant resulteert in een omgevingsvisie die alle onderdelen, die tot de fysieke leefomgeving worden gerekend, omvat en voldoet aan het bepaalde in de wet. Ook in de ‘onderscheidende strategie’ wordt de huidige situatie als uitgangspunt genomen. Daarnaast wordt in beide strategieën uitgegaan van een interne focus, terwijl in de huidige situatie in beide gemeenten de focus al extern gericht is. De ‘vernieuwende strategie’ en de ‘onderscheidende strategie’ kennen een externe focus en zijn dan ook het tegenovergestelde van de voornoemde varianten. Echter, in de ‘onderscheidende strategie’ is de huidige situatie qua beleid het uitgangspunt, terwijl deze situatie niet altijd goed aansluit bij de maatschappelijke opgaven en doelen. Uitsluitend in de ‘vernieuwende variant’ kan de Omgevingswet worden gebruikt voor een meer algehele transformatie naar een meer integrale, naar buiten gerichte en faciliterende gemeente, die initiatieven van de maatschappij optimaal faciliteert binnen de wettelijke kaders en beleidsruimte van de gemeente. Gelet op de huidige manier van werken middels MD 2030, het bepaalde in de coalitieakkoorden van beide gemeenten en het Maatschappelijk Akkoord Tubbergen en het stelsel van de Omgevingswet, waarin er vanuit wordt gegaan dat de gemeenschap aan de voorkant actief worden betrokken bij beleidsontwikkeling, is de ‘vernieuwende strategie’ de meest logische keuze. Enkel met deze strategie kan een omslag bereikt worden op het terrein van de fysieke leefomgeving en kan gekomen worden van de vele sectorale beleidsnota’s naar integraal beleid op de fysieke leefomgeving. Wanneer slechts alleen bepaalde sectoren van beleid worden opgepakt, kan nooit een integrale Omgevingsvisie ontstaan en worden door vertaald in het Omgevingsplan. Daarvoor zijn de verschillende beleidsterreinen in de huidige werkelijkheid teveel aan elkaar verbonden. Door daarnaast direct betrokkenen bij de realisatie van de het nieuwe omgevingsbeleid actief te betrekken, is alle kennis beschikbaar, komen alle belangen van meet af aan op tafel en ontstaat er draagvlak. Draagvlak voor integraal beleid voor de fysieke leefomgeving, beleid dat tot stand is gekomen in samenspraak met belanghebbenden en aansluit bij de maatschappelijke opgaven en behoeften in beide gemeenten en ruimte biedt aan nieuwe initiatieven en investeringen. OVERZICHT VOORGESTELDE KEUZES Beide gemeenten kiezen voor het maximale ambitieniveau behorende bij de ‘vernieuwende strategie’

Rechtspraak bij dit artikel