Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2: › Paragraaf 2.3:

Artikel 12.

Begripsbepaling verwaarloosde (brom)fietsen en (brom)fietswrakken

Onderdeel van Beleidsregel (brom)fietsverwijdering Coevorden 2020

Voor de toepassing van deze paragraaf wordt in ieder geval verstaan onder: Verwaarloosde (brom)fiets: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 onder c van deze beleidsregel, maar in ieder geval: (brom)fietsen waarvan één of twee band(en) leeg is of zijn, of; (brom)fietsen waarvan duidelijk is dat hier niet direct op gefietst of gereden kan worden, of; (brom)fietsen waarvan de remmen, zadel of stuur ontbreken, onbruikbaar of kapot zijn, of (brom)fietsen waar de ketting af ligt. (Brom)fietswrak: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 onder b, maar in ieder geval (brom)fietsen die, naast de kenmerken van een verwaarloosde (brom)fiets een of meer ernstig gebreken hebben aan: het frame, of; de voorvork, of; de wielen, of; het stuur, of; de handreminrichting, of de trapinrichting of versnellingen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel