Het college wijst de aanvraag om verstrekking van een gemeentegarantie in ieder geval af indien:
de aanvrager (naar redelijke verwachting) niet kan voldoen aan de aan de gemeente garantie verbonden verplichtingen;
twijfel bestaat omtrent het bestaansrecht van de aanvrager gedurende de looptijd van de geldlening waartoe een gemeentegarantie wordt gevraagd;
de waarde van de te realiseren zaak of zaken de gemeente onvoldoende zekerheid biedt voor verhaal van rente en aflossing van de geldlening, ter verkrijging waarvan de gemeentegarantie is gevraagd;
de aanvrager bij de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt;
de raad, na over de voorgenomen gemeentegarantie gehoord te zijn, bedenkingen heeft geuit;
de activiteiten naar het oordeel van het college concurrerend zijn met reeds aanwezige voorzieningen waar gelijke of gelijksoortige activiteiten worden verricht.
Geen garantie is mogelijk indien een beroep kan worden gedaan op een voorziening in de vorm van een (nationaal) waarborgfonds zoals Waarborgfonds Sociale Woningbouw, Waarborgfonds voor de Zorg en Waarborgfonds Kinderopvang. De gemeente heeft dan vaak wel een zogenaamde achtervangfunctie bij een waarborgfonds.
Specifiek voor sport geldt dat er wordt samengewerkt met de Stichting Waarborgfonds Sport(SWS). Zonder medewerking van dit Fonds wordt in beginsel geen garantie door de gemeente verstrekt. Deze stichting biedt naast een borgstelling van 50% ook een aanvullende toetsing zoals een sporttechnische keuring en een jaarlijkse controle van de begroting en jaarrekening. Er wordt aansluiting gezocht bij de eisen aan een borgstelling van het SWS.