Bij welstandsadvisering gaat het om de zorg voor kwaliteit. Bij de beoordeling of een bouwwerk voldoet aan redelijke eisen van welstand wordt acht geslagen op het bouwwerk, de samenhang van onderdelen en de relatie tussen het bouwwerk en de omgeving. De gemeente formuleert hiertoe in meerdere of mindere mate beleid.
De welstandcommissie maakt gebruik van verschillende orden van toetsingscriteria. Deze variëren van algemeen naar specifiek, per gebied, gebouwtype of soort bouwwerk. De volgende zaken worden hierbij betrokken:
Het kwaliteitskader is universeel en geldt voor alle bouwplannen, ongeacht de plek of het soort bouwwerk.
Welstandsniveaus hebben betrekking op de mate waarin welstand wordt ingezet.
Het ruimtelijk kader is de basis voor alle plannen binnen de gemeente Westervoort.
Gebiedsgerichte welstandscriteria zijn toegespitst op een specifiek (deel)gebied.
Deze drie kaders worden in de volgende paragrafen besproken.
Hoofdstuk 3.
Artikel 3.1