Als nummers worden toegevoegd wordt de volgende volgorde van voorkeur gehanteerd:
Het doorzetten van bestaande nummering en het invoegen van nog niet gebruikte nummers.
Dit is de meest gewenste methode. Gebruikmakend van de standaardsystematiek wordt doorgenummerd of tussengevoegd vanuit de bestaande nummers.
Het toevoegen van letters aan bestaande nummers.
Bij het tussenvoegen van nummers tussen opeenvolgende bestaande nummers wordt aan het laagste van die nummers een letter toegevoegd. De geletterde objecten liggen altijd na het nummer waaraan het nummer wordt toegevoegd (2, 2a, 2b). Als er voor een laagste nummer (1 of 2) een object toegevoegd wordt moet dat laagste nummer vernummerd worden, zodat de nummering bij het nieuwe object weer begint met de laagste nummering. De letters 1, 0 en z worden i.v.m. de leesbaarheid niet toegepast, tenzij eventueel voor fictieve nummering voor liften en dergelijke.
Het toevoegen van een straatnaam.
Als toevoeging van letters geen uitkomst biedt omdat te veel objecten worden tussengevoegd of er al een subnummering bestond, wordt onderzocht of voor het te nummeren project een nieuwe straatnaam kan worden vastgesteld. Dat gebeurt alleen als uit de feitelijke inrichting van de ruimte zo’n straatnaam logisch is, b.v. als er sprake is van een hofje of plein.
Vernummering van één of meer van de naastgelegen hogere nummers.
Er worden niet meer objecten vernummerd dan strikt noodzakelijk is. Dat wil zeggen zoveel dat een nummering met hooguit een enkelvoudige lettertoevoeging van de nieuw te nummeren objecten mogelijk is. Vernummering is de minst gewenste vorm bij het toevoegen van nummers.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.2.3
Toevoegen van (huis)nummers
Onderdeel van Beleidsregels inzake naamgeving openbare ruimte en huisnummering gemeente Coevorden