Bij het toepassen van de regels uit deze verordening houdt de gemeente rekening met de genoemde wetten. De gemeente zorgt ervoor dat het effect van een besluit past bij de bedoeling van die wetten. De gemeente gaat daarbij uit van de volgende kernwaarden:

  • - Iedere inwoner kan naar vermogen deelnemen aan de samenleving.
  • - Iedere inwoner heeft onderdak en een gezonde financiële huishouding.
  • - Kinderen groeien veilig en gezond op.
  • - De inwoner benut maximaal eigen mogelijkheden, talenten en zijn sociale netwerk (bijvoorbeeldfamilie, vrienden of het verenigingsleven).
  • - De hulpvraag staat centraal. De gemeente helpt bij het duidelijk maken van de hulpvraag.
  • - Vrij toegankelijke hulp gaat voor hulp-op-maat.
  • - De inwoner is zelf verantwoordelijk, de gemeente helpt als dat nodig is. Dit betekent niet dat degemeente altijd met een oplossing komt.

Deze kernwaarden geven richting aan de uitvoering van de verordening. Het zijn geen regels, maar principes en overtuigingen. Die vormen de basis van de regels. De kernwaarden in deze paragraaf gelden voor alle hoofdstukken. Daarnaast kan elk hoofdstuk nog bijzondere kernwaarden hebben. Dat zijn kernwaarden die speciaal voor dat hoofdstuk gelden. Ten slotte: de begrippen die in deze verordening worden gebruikt, worden toegelicht in hoofdstuk 14.