Als een vervoermiddel of (sport)rolstoel aangepast of vervangen moet worden, dan doet de gemeente dit alleen, als:

  • - de normale afschrijvingstermijn is verstreken; of
  • - die voorziening onbruikbaar is geworden en dat de inwoner niet toegerekend kan worden; of
  • - die voorziening geen oplossing meer is voor de hulpvraag van de inwoner; of
  • - de inwoner de kosten van vervanging geheel of gedeeltelijk zelf betaalt.