Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden, op een markt zonder standplaatsvergunning van burgemeester en wethouders een standplaats voor het uitoefenen van markthandel in te nemen. 2.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet gedurende de proeftijd van vier weken, die voorafgaand aan de vergunningverlening wordt gegund aan een nieuwe standplaatshouder. 3.. Een standplaatsvergunning geldt voor bepaalde tijd voor de duur van 10 jaren en voor de op de vergunning vermelde standplaats, tenzij de vergunning anders bepaalt. Burgemeester en wethouders kunnen in bijzondere gevallen een andere standplaats aanwijzen. 4.. Aan een vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden. 5.. Degene aan wie krachtens deze verordening een vergunning is verleend, is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en beperkingen in acht te nemen. 6.. Voor toewijzing van een standplaats komt uitsluitend in aanmerking een handelingsbekwaam natuurlijk persoon die de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt en een aanvraag voor een vergunning heeft ingediend bij het college. 7.. De bevoegdheid tot wijzigen, verlenen of intrekken van een standplaatsvergunning kan niet aan de marktmeester of een andere toezichthouder worden gemandateerd.

Rechtspraak bij dit artikel