Naar hoofdinhoud
Voorzieningen zijn vermogensbestanddelen die een schatting geven van de voorzienbare lasten in verband met risico's en verplichtingen, waarvan de omvang en/of het tijdstip van optreden per de balansdatum min of meer onzeker zijn en die oorzakelijk samenhangen met de periode voorafgaand aan die datum. Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden. Uitzondering hierop zijn de voorschotbedragen die ontvangen zijn van Europese en Nederlandse overheidslichamen die dienen voor een specifiek bestedingsdoel én waarvan de lasten in volgende begrotingsjaren vallen; deze dienen als overlopende passiva te worden opgenomen. Voor alle soorten voorzieningen geldt de zogeheten causaliteitseis, dat wil zeggen dat er een oorzakelijke samenhang moet zijn met een gebeurtenis of met het bedrijfsgebeuren in de periode voorafgaande aan de balansdatum. Bij een voorziening gaat het dus om het kwantificeren van verplichtingen en risico’s. Vandaar ook dat voorzieningen niet tot het eigen vermogen van een gemeente worden gerekend maar om een afgezonderd deel daarvan. Logisch gevolg van deze definitie is dat een voorziening de omvang van de betreffende verplichting of het betreffende risico moet hebben. Een kleinere omvang betekent dat niet aan de verplichting kan worden voldaan omdat het risico onvoldoende is afgedekt. Vandaar ook dat de omvang van voorzieningen regelmatig moet worden getoetst aan de omvang van de verplichtingen en risico’s.

Rechtspraak bij dit artikel