Naar hoofdinhoud
Burgemeester en wethouders kunnen ten aanzien van een aan een kerkgenootschap in gebruik gegeven deel van de begraafplaatsen, na overleg met het bestuur van het kerkgenootschap, nadere regels stellen die afwijken van de regels die zijn opgenomen in deze verordening. Het bestuur van het kerkgenootschap kan burgemeester en wethouders schriftelijk verzoeken hem er schriftelijk van in kennis te stellen dat er onderhoud of herstel door de rechthebbende nodig is van de grafbedekking op een of meer graven op het deel van de begraafplaatsen dat aan het kerkgenootschap ter beschikking is gesteld. Op grond van het in het vorige lid genoemde verzoek stellen burgemeester en wethouders het bestuur van het kerkgenootschap schriftelijk in kennis dat de grafbedekking van een of meer graven onderhoud en herstel behoeft. De kennisgeving laat de bevoegdheid van burgemeester en wethouders onverlet om de rechthebbende op de graven er van in kennis te stellen dat de grafbedekking moet worden onderhouden of hersteld, indien de kennisgeving aan het kerkgenootschap niet tot verbetering van het onderhoud of tot herstel heeft geleid.

Rechtspraak bij dit artikel