Het beheer en de dagelijkse bedrijfsvoering van de KBU vinden plaats onder verantwoordelijkheid van het college en zijn opgedragen aan de IRM van de afdeling Werk en Inkomen.
Het college verleent mandaat aan de IRM van de afdeling Werk en Inkomen voor de bevoegdheid tot het vaststellen van de kredietvergoedingen als bedoeld in hoofdstuk IV, paragraaf 5, van dit reglement en met inachtneming van het bepaalde in artikel 30, tweede lid.
De IRM van de afdeling Werk en Inkomen verleent, overeenkomstig de mandaatregeling van de gemeente Utrecht, ondermandaat aan medewerkers die uit hoofde van hun functie zijn belast met de dagelijkse uitvoering van de taken genoemd in het derde lid. Het ondermandaat geldt voor de bevoegdheid tot het nemen van besluiten op aanvragen van kredietverlening, schuldhulp- verlening en budgetbeheer alsmede voor de bevoegdheid tot het nemen van besluiten tot het aangaan van kredietovereenkomsten, overeenkomsten tot schuldregeling en overeenkomsten tot budgetbeheer en budgetbegeleiding. Het mandaat wordt verleend aan de unitmanagers Werk en Inkomen, de teamleiders Inkomensvoorzieningen, kredietadviseurs, kwaliteitsmedewerkers, trajectbegeleiders en schuldregelaars.
De IRM van de afdeling Werk en Inkomen kan de volmacht om de gemeente Utrecht te vertegenwoordigen bij het ondertekenen van overeenkomsten en andere privaatrechtelijke rechtshandelingen in verband met de uitoefening van de in artikel 3 genoemde taken delen met medewerkers die uit hoofde van hun functie zijn belast met de dagelijkse uitvoering van deze taken, voor zover het betreft:
het verlenen van kredieten in de zin van artikel 15;
het afwijzen van aanvragen in de zin van artikel 20;
het aangaan van kredietovereenkomsten in de zin van artikel 21, eerste lid;
het overgaan tot vervroegde invordering in de zin van artikel 31;
het verlenen van kwijtschelding in de zin van de artikelen 32 en 33;
het verrichten van werkzaamheden ter zake van schuldregeling in de zin van artikel 34;
het afwijzen van aanvragen in de zin van artikel 37;
het aangaan van overeenkomsten tot schuldregeling in de zin van artikel 38, eerste lid;
het afwijzen van aanvragen in de zin van artikel 45; en
het aangaan van overeenkomsten tot budgetbeheer en budgetbegeleiding in de zin van artikel 46, eerste lid.
De IRM van de afdeling Werk en Inkomen deelt de volmacht in de zin van het derde lid met:
kwaliteitsmedewerkers voor het aangaan van een privaatrechtelijke overeenkomst en de ondertekening ervan in verband met de uitvoering van de taken omschreven in het derde lid, onder a tot en met e, voor bedragen van minder dan €10.000,00;
trajectbegeleiders voor het aangaan van een privaatrechtelijke overeenkomst en de onder- tekening ervan in verband met de uitvoering van de taken omschreven in het derde lid, onder f tot en met j, voor bedragen van minder dan €5.000,00;
kwaliteitsmedewerkers voor het aangaan van een privaatrechtelijke overeenkomst en de ondertekening ervan in verband met de uitvoering van de taken omschreven in het derde lid, onder f tot en met j, voor bedragen vanaf €5.000,00 tot €10.000,00;
de teamleiders Inkomensvoorzieningen en de unitmanagers SoZaWe voor het aangaan van een privaatrechtelijke overeenkomst en de ondertekening ervan in verband met de taken omschreven in het derde lid, onder b tot en met e en f tot en met j, voor bedragen vanaf €10.000,00 tot €45.000,00;
het afdelingshoofd SoZaWe voor het aangaan van een privaatrechtelijke overeenkomst en de ondertekening ervan in verband met de taken omschreven in het derde lid, onder a tot en met e en f tot en met j, voor bedragen vanaf €45.000,00.
HOOFDSTUK
Artikel 4
Beheer, uitoefening bevoegdheden en verlenen van volmacht
Onderdeel van Bankreglement Kredietbank Utrecht