**1..** De begroting met een (beleidsmatige en financiële) toelichting van het gemeenschappelijk orgaan wordt jaarlijks voorafgaande aan het jaar waarvoor deze geldt door het bestuur vastgesteld.
**2..** Het bestuur zendt voor 1 april van het jaar voorafgaande aan het jaar waarvoor de begroting dient, de algemene en financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten.
**3..** Het bestuur maakt jaarlijks een ontwerpbegroting op van baten en lasten, de investerings- en financieringsstaat voor het volgende boekjaar en de meerjarenraming voor ten minste drie daarop volgende kalenderjaren (inclusief voorgestelde tarieven (bijvoorbeeld voor de milieuparken) voor zover die vastgesteld moeten worden door de individuele gemeenten in hun legesverordeningen en inclusief een overzicht, per gemeente, van de gemeentelijke bijdragen aan de gemeenschappelijke regeling voor de diverse onderdelen) en zendt deze, vergezeld van een nadere toelichting, toe aan de raden van de deelnemende gemeenten.
**4..** De ontwerpbegroting wordt door de deelnemende gemeenten voor een ieder ter inzage gelegd. De ontwerpbegroting wordt, tegen betaling van kosten, algemeen verkrijgbaar gesteld. Van de terinzagelegging en de verkrijgbaarstelling geschiedt openbare kennisgeving op de daartoe aangewezen wijze.
**5..** De raden van de deelnemende gemeenten kunnen omtrent de ontwerpbegroting het bestuur van hun zienswijzen voorzien.
**6..** Het bestuur zendt de begroting binnen twee weken na de vaststelling, maar in elk geval voor 1 augustus van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, aan het College van Gedeputeerde Staten.
**7..** Het bepaalde in de leden 3 tot en met 6 van dit artikel is van overeenkomstige toepassing op eventuele begrotingswijzigingen.
**8..** Het bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar volgend op het jaar waarop deze betrekking heeft en zendt deze ook ter kennisname aan de deelnemende gemeenten, vergezeld van een financiële afrekening per gemeente ter zake eventuele tekorten en/of overschotten.
**9..** Het bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, maar in ieder geval voor 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, aan het College van Gedeputeerde Staten.
Hoofdstuk 5
Artikel 19