Naar hoofdinhoud
1.. De geldmiddelen van de dienst bestaan uit: middelen ten behoeve van de uitvoering van de wetten zoals genoemd in artikel 1a; middelen ten behoeve van de bedrijfsvoeringskosten zoals genoemd in artikel 20. 2.. De middelen ten behoeve van de uitvoering van de wetten worden per deelnemende gemeente beschikbaar gesteld op basis van de daadwerkelijke uitgaven. Deze middelen zullen jaarlijks voor het begrotingsjaar worden geraamd en per maandelijks voorschot ter beschikking worden gesteld. 3.. De middelen benodigd ter dekking van de bedrijfsvoeringskosten worden jaarlijks voor het begrotingsjaar begroot en worden op basis van de begroting maandelijks door de deelnemende gemeenten bevoorschot.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel