**1..** Elke fractie legt, binnen drie maanden na het einde van een kalenderjaar, aan de raad verantwoording af over de besteding van de bijdrage voor fractieondersteuning onder overlegging van een verslag.
**2..** Het verslag vermeldt in elk geval:
- - het bedrag dat in het voorafgaande kalenderjaar aan vergoeding is ontvangen;
- - het bedrag van de uitgaven ten laste van de vergoeding over het voorafgaande kalenderjaar;
- - ten behoeve van welke uitgaven de vergoeding is besteed; en
- - het saldo per 1 januari en 31 december van het voorafgaande kalenderjaar.
**3..** Het verslag wordt ondertekend door de fractievoorzitter en bij fracties met meer dan één zetel een tweede fractielid.
**4..** Controle van het verslag vindt plaats door de griffier. De griffier breng advies uit aan de raad. In het advies gaat de griffier tenminste in op de volgende onderwerpen:
- - voldoen de uitgaven aan de criteria van de verordening/de bestedingsdoeleinden zoals genoemd in de verordening
- - is de verantwoording correct
- - is de reserve goed weergegeven en is deze niet hoger dan toegestaan
- - zijn de verantwoordingen tijdig ontvangen
**5..** Op aanvraag worden onderliggende stukken, rekeningen, facturen, specificaties, bonnetje, bankafschriften en dergelijke ter inzage gegeven aan de griffier.
**6..** De raad stelt na ontvangst van het advies van de griffier de bedragen vast van:
- - de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdrage bekostigd zijn;
- - de wijziging van de reserve;
- - de resterende reserve;
- - de verrekening tussen de in onderdeel a. genoemde uitgaven en het ontvangen voorschot en, voor zover nodig, de hoogte van de terugvordering van ontvangen voorschotten.