Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Aanvraag om vaststelling

Onderdeel van Subsidieregeling peuterprogramma en voorschoolse educatie 2021

1. . De subsidievaststelling vindt plaats op aanvraag. De aanvrager maakt gebruik van het door het college vastgestelde aanvraagformulier en dient bij de aanvraag de navolgende bescheiden te overleggen: Per kindercentrum het totaal aantal peuters (2 tot 4 jaar oud) dat deelneemt aan de kinderopvang en een overzicht van peuters, onderverdeeld naar peuters ZKT, VVE-peuters ZKT en VVE-peuters MKT, met vermelding van: initialen woonplaats; datum start en beëindiging deelname peuterprogramma (voor zover van toepassing) over het kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt vastgesteld; Een overzicht waaruit de deelname aan netwerkbijeenkomsten, zoals bedoeld in artikel 3, lid 4, van deze subsidieregeling, blijkt; In geval van een kleinschaligheidstoeslag een exploitatieoverzicht per locatie en een overzicht van het aantal deelnemende peuters met het aantal dagdelen per week, over het kalenderjaar waarvoor de subsidie wordt vastgesteld; In geval van subsidie voor vve-opleidingen een overzicht van het aantal deelnemers met een kopie van de facturen; In geval van subsidie voor extra activiteiten locatieplan een kort verslag van de activiteit met een kostenoverzicht/facturen; Een jaarverslag met daarin beschreven de activiteiten zoals beschreven in artikel 8 en de wijze waarop deze zijn uitgevoerd, de daarbij getroffen maatregelen en de behaalde resultaten; Een rapport van feitelijke bevindingen (controleverklaring) omtrent de naleving van de aan de subsidie verbonden voorwaarden, indien de subsidie hoger is dan de drempelwaarde zoals bepaald in de Algemene subsidieverordening (ASV). De controleverklaring wordt opgesteld door een onafhankelijke accountant, overeenkomstig een door het college vast te stellen protocol; Een bestuursverklaring, overeenkomstig een door het college vast te stellen protocol. 2. . Het college kan steekproefsgewijs controleren of de onderliggende documenten (de ouderverklaringen, de inkomensverklaringen voor peuters-ZKT en VVE-Peuters ZKT en VVE-indicaties) kloppen, door het opvragen van deze documenten. 3. . Het college kan – naast de informatie en/of bescheiden als genoemd in het tweede lid – andere informatie en/of bescheiden verlangen, voor zover dat: voor een goede beoordeling van een aanvraag tot vaststelling nodig is; nodig is voor het desgevraagd verstrekken van informatie aan overheidsinstellingen of daaraan verbonden inspectiediensten. 4. . Het college kan genoegen nemen met minder informatie en/of bescheiden dan genoemd in het eerste lid, voor zover dat een goede beoordeling van een aanvraag tot vaststelling niet in de weg staat.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel