1. Het college legt het besluit of de persoon tot de doelgroep tijdelijke loonkosten-subsidie behoort vast in een beschikking, waartegen bezwaar en beroep ingesteld kan worden.
2. Personen die tot de doelgroep behoren en in dienst treden bij een werkgever ontvangen van de werkgever tenminste het van toepassing zijnde WML of het Cao-loon.
3. De werkgever ontvangt van de gemeente tijdelijke loonkostensubsidie voor het verschil tussen de loonwaarde van de werknemer en het van toepassing zijnde WML.
4. Als de werkgever Cao-loon betaalt dat hoger is dan het van toepassing zijnde WML, dan komt het verschil voor rekening van de werkgever.
5. De hoogte van de tijdelijke loonkostensubsidie bedraagt gedurende een periode van maximaal de eerste zes maanden van de dienstbetrekking 50 procent van het totale bedrag van het WML en de aanspraak op vakantiebijslag op grond van artikel 15 van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, vermeerderd met een bij ministe-riële regeling vastgestelde vergoeding voor werkgeverslasten.
6. De tijdelijke loonkostensubsidie wordt naar evenredigheid verminderd, als de persoon in deeltijd werkzaam is.
7. Het college verleent geen andere subsidie voor de loonkosten voor dezelfde dienstbetrekking.
8. Geen tijdelijke loonkostensubsidie wordt verstrekt als arbeid wordt verricht in een dienstbetrekking zoals bedoeld in artikel 2 en 7 Wsw.
9. In een uitvoeringsrichtlijn worden nadere regels gesteld omtrent de wijze van verantwoording van de tijdelijke loonkostensubsidie.
Artikel 4
Verstrekking tijdelijke loonkostensubsidie
Onderdeel van Besluit tijdelijke loonkostensubsidie gemeente Beek 2018