Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Paragraaf 2.7

Artikel 2.7.3

Utiliteitsbouw, niet industrie

Onderdeel van Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Venray houdende regels omtrent bluswater en bereikbaarheid

Hieronder worden alle bouwwerken verstaan welke geen woonfunctie of industriefunctie zijn. Denk hierbij aan winkels, hotels, scholen en kantoren, zorgfuncties zoals verpleegtehuizen en ziekenhuizen, bioscopen en sportgebouwen. In het regionaal modelbeleid wordt onderscheid gemaakt tussen onderstaande 3 subcategorieën. Utiliteitsbouw niet industrie: enkel laags. Brandcompartiment met een vloeroppervlakte <1.000 m2 en enkellaagse bouw. Compartimentering conform Bouwbesluit 2012. Opstelplaats Primaire voorziening Secundaire voorziening Tertiaire voorziening Max. afstand tot object (m) Max. afstand tot opstel- plaats (m) Debiet (m3/uur) Max. afstand tot object (m) Debiet (m3/uur) Escalatie: 120 m3/uur Bij open water maximaal 2.500 meter. Bij geboorde put en/of brandkraan op maximale rijafstand van 5 minuten. 40 40 60 200 60 Voorbeelden Utiliteitsbouw niet industrie: meerlaags. Brandcompartiment met een vloeroppervlakte <1.000 m2 en gestapelde bouw met de hoogste verblijfsvloer lager dan 20 meter. Compartimentering conform Bouwbesluit 2012. Opstelplaats Primaire voorziening Secundaire voorziening Tertiaire voorziening Max. afstand tot object (m) Max. afstand tot opstel- plaats (m) Debiet (m3/uur) Max. afstand tot object (m) Debiet (m3/uur) Escalatie scenario: 120 m3/uur Bij open water maximaal 2.500 meter. Bij geboorde put en/of brandkraan op maximale rijafstand van 5 minuten. 15 40 60 200 90 Voorbeelden Utiliteitsbouw niet industrie: op basis van gelijkwaardigheid. Brandcompartiment met een vloeroppervlakte >1.000 m2 en/of gestapelde bouw met de hoogste verblijfsvloer hoger dan 20 meter. Toepassing grotere brandcompartimenten conform artikel 1.3 Bouwbesluit 2012. Hier zijn tenminste de voorzieningen noodzakelijk zoals beschreven in de tabel “Utiliteitsbouw niet industrie: meerlaags”. Afhankelijk van het risicoprofiel van het object kunnen aanvullende voorzieningen noodzakelijk zijn (maatwerk). Deze worden bepaald in overleg tussen gemeente, initiatiefnemer en de VRLN. Voorbeelden

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel