**1..** Het is verboden om vaartuigen langer dan acht achtereenvolgende uren onbemand te laten liggen in het water en op de oever.
**2..** Een vaartuig wordt geacht gedurende acht achtereenvolgende uren onbemand te zijn, indien dat vaartuig gedurende acht opeenvolgende uren op tenminste vier tijdstippen met tussenpozen van tenminste twee uren onbemand is aangetroffen.
**3..** Het is de eigenaar of rechthebbende van een water of oever verboden toe te laten dat op dat water of die oever een vaartuig langer dan acht achtereenvolgende uren onbemand wordt achtergelaten.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2
Artikel 6