Naar hoofdinhoud
Onverlet het gestelde in artikel 23, lid 8 en lid 9 kan de grafbedekking door of vanwege het college worden verwijderd: na het verstrijken van de graftermijn; na intrekking van de vergunning; als niet wordt voldaan aan de voorwaarden van de vergunning; bij het ontbreken van een vergunning. Grafbedekking dient na het vervallen van een grafrecht of het verstrijken van de graftermijn door respectievelijk de rechthebbende of contactpersoon (of in hun opdracht door de eigenaar) van het graf te worden verwijderd binnen de door het college gestelde termijn. Na het verstrijken van deze termijn kunnen zij geen aanspraken op deze voorwerpen doen gelden. Ingeval een vergunning wordt ingetrokken, stelt het college een redelijke termijn aan rechthebbende of contactpersoon waarbinnen de grafbedekking dient te worden verwijderd. Na het verstrijken van deze termijn kan de rechthebbende, contactpersoon of eigenaar geen aanspraken hierop doen gelden. Ingeval de grafbedekking niet voldoet aan de voorwaarden van de vergunning, stelt het college een redelijke termijn aan de rechthebbende of contactpersoon waarbinnen de grafbedekking in overeenstemming met de voorwaarden van de vergunning moet zijn gebracht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel