Het persoonsgebonden budget voor scootmobielen wordt vastgesteld op basis van de tegenwaarde van de goedkoopst adequate voorziening, indien nodig verhoogd met een bedrag voor onderhoud en reparatie, gebaseerd op het gemiddelde bedrag voor onderhoud en reparatie over het jaar voorafgaand aan het laatste volle kalenderjaar voor de toekenning van de voorziening.
Voor een PGB geldt dat op de besparingsbijdrage, artikel 16 van dit besluit, van toepassing is.
HOOFDSTUK 5.
Artikel 13.
Persoonsgebonden budget scootmobielen.
Onderdeel van Financieel Besluit WMO voorzieningen 2008