Naar hoofdinhoud
1.. In overeenstemming met deze verordening wordt de inkomensvoorziening verlaagd indien de belanghebbende: niet of onvoldoende de verplichtingen voortvloeiend uit de wet nakomt; blijk heeft gegeven van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan; zich tegenover het college zeer ernstig heeft misdragen. 2.. De verlaging wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate van verwijtbaarheid en de omstandigheden van de belanghebbende en kan daarom afwijken van de in deze verordening genormeerde verlagingen. 3.. Het toepassen van de verlagingen in de praktijk wordt tweemaal per jaar geëvalueerd in de commissie Maatschappelijke Ondersteuning.

Rechtspraak bij dit artikel