**1..** a. Het niet naar venmogen trachten algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen;
b. Het niet dan wel onvoldoende gebruik maken van een door het college aangeboden participatie-instrument, voor zover dit heeft geleid tot het geen doorgang vinden of tot vroegtijdige beëindiging van het participatietraject;
c. Het niet nakomen van de afspraken in het plan van aanpak met betrekking tot de arbeidsinschakeling in het kader van de gemeentelijke ondersteuning, waaronder begrepen het
niet of onvoldoende meewerken aan het behoud of bevorderen van arbeidsbekwaamheid dan
wel het niet of onvoldoende meewerken aan activiteiten of werkzaamheden, gericht op de
arbeidsinschakeling;
d. Het nalaten de opgedragen werkzaamheden of activiteiten naar beste vermogen te verrichten.
**2..** Het percentage van de standaard verlaging bedraagt 50% van de uitkeringsnorm.