Naar hoofdinhoud
1.. Bij de beoordeling van een bouwaanvraag wordt aangenomen, dat alle om het bouwterrein liggende terreinen zijn bebouwd tot de hoogte en oppervlakte die krachtens bestemmingsplan dan wel krachtens deze verordening of de bouwverordening zonder vrijstelling ten hoogste mogelijk zou zijn. Een bestaand bouwwerk, dat één of beide van de vorenbedoelde maxima overschrijdt, moet echter voor zijn werkelijke afmeting in rekening worden gebracht. 2.. Terrein dat voor het verlenen van een bouwvergunning In aanmerking moet worden genomen, mag niet nog eens bij de verlening van een bouwvergunning voor een ander bouwwerk In aanmerking worden genomen.

Rechtspraak bij dit artikel