**1..** Voordat een verlaging wordt opgelegd wordt een belanghebbende in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen.
Het horen van een belanghebbende kan achterwege blijven als:
**a..** de vereiste spoed zich daartegen verzet;
**b..** de belanghebbende al eerder in de gelegenheid is gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en zich sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben voorgedaan;
**c..** het college het horen niet nodig acht voor het vaststellen van de ernst van de gedraging of de mate van verwijtbaarheid;
**d..** de belanghebbende zelf aangeeft hiervan geen gebruik te willen maken.
Hoofdstuk 2. › PARAGRAAF 1.
Artikel 2.3.