1 Het college en de burgemeester hebben een actieve en passieve inlichtingenplicht aan de raad ingevolge het bepaalde in artikel 169 en 180 van de Gemeentewet.
2 Raadsleden dienen verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet schriftelijk in bij de griffier.
3 De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester.
4 De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk schriftelijk aan de raad verschaft, in ieder geval binnen 30 dagen nadat het verzoek is ingediend.
5 De gevraagde inlichtingen en de daarop verkregen informatie worden geplaats op de lijst van ingekomen stukken, zoals bedoeld in artikel 19.