Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.3

Financiële positie aanvrager

Onderdeel van Verordening garantstellingen 2021

De gemeente zal onderzoeken of zij bij de garantstelling een verantwoord risico neemt. Hiervoor zal de financiële situatie van de aanvragende instantie worden onderzocht aan de hand van de volgende criteria: De instelling moet, gelet op haar financiële positie, in staat zijn de rente en aflossing op te brengen; Aan de hand van de financiële jaarstukken van de instelling en het investeringsplan met bijbehorende prognoses wordt de haalbaarheid van de investering en de toekomstige exploitatie getoetst; De gemeente kan eisen dat deze toetsing op kosten van de aanvrager door een derde wordt uitgevoerd, wanneer bijv. expertise binnen de eigen organisatie ontbreekt. Indien de mogelijkheid bestaat dat de lening bij een waarborgfonds kan worden ondergebracht, sluit de gemeente zich aan bij de beoordeling door het waarborgfonds. Waarborgfondsen beschikken over de hiervoor benodigde expertise. Als het van toepassing zijnde waarborgfonds niet wenst over te gaan tot garantstelling, zal de gemeente zich daarbij aansluiten. De gemeente zal de financiële situatie van de aanvragende instantie onderzoeken. Aanvragen die door een waarborgfonds worden afgewezen, worden niet in behandeling genomen. Bijzondere garantieregelingen

Rechtspraak bij dit artikel