Generieke kader
Volgens het Besluit bodemkwaliteit mag er in toe te passen grond maximaal 20 gewichtsprocenten aan bodemvreemd materiaal zitten. Onder bodemvreemd materiaal wordt, sinds de wijziging van de Regeling bodemkwaliteit van november 2018, alleen nog maar steenachtige materialen en hout begrepen. De overige bodemvreemde materialen (zoals plastics), mogen slechts sporadisch in de toe te passen grond aanwezig zijn als deze er niet redelijkerwijs uit zijn te halen voor de toepassing (zie artikel 1.1 van de Regeling bodemkwaliteit). Gemeenten kunnen door middel van Gebiedsspecifiek beleid het maximaal toegestane percentage bodemvreemd materiaal naar beneden toe bijstellen.
Gebiedsspecifieke kader
De gemeente Vijfheerenlanden heeft het maximaal toegestane gewichtspercentage bodemvreemd materiaal genuanceerd naar de risicogevoeligheid van het bodemgebruik binnen de onderscheiden bodemfunctieklassen Voor de bodemfunctieklasse Landbouw/Natuur en voor toepassing van grond op gevoelige functies (zie paragraaf 5.4.2.) gelden strengere eisen dan het Generieke kader van het Besluit bodemkwaliteit. In onderstaande tabel is dit weergegeven. Voor het overige gelden de Generieke toepassingseisen uit de Regeling bodemkwaliteit.
Tabel 6: differentiatie bodemvreemd materiaal naar bodemfunctie
*) Asbest mag niet zichtbaar in de grond aanwezig zijn, maar ook mag de grond analytisch geen asbest bevatten.
De definitie van gevoelige functie wordt per gemeente vaak verschillend ingevuld. Voor de definitie van gevoelige functie die de gemeente Vijfheerenlanden hanteert, wordt verwezen naar paragraaf 5.4.2.
Toepassingsbereik
De in de bovenstaande tabel aangegeven toepassingseisen voor grond met bodemvreemd materiaal, gelden voor alle soorten grond, ongeachte de herkomst van de grond.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.4.1
Toepassen van grond met bodemvreemd materiaal
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Vijfheerenlanden houdende regels omtrent grondverzet en bodemsanering