In deze paragraaf worden de niet-zone gerelateerde Gebiedsspecifieke beleidsregels beschreven voor het toepassen, uitwisselen, ontgraven en tijdelijk opslaan van grond en bagger en voor het verspreiden van bagger binnen de gemeente Vijfheerenlanden. Het gaat hierbij om algemene toepassingen die niet gerelateerd zijn aan een bepaalde zone of een bepaald deelgebied, maar in principe in alle zones voor kunnen.
Voor de onderstaande onderdelen zijn Gebiedsspecifieke beleidsregels vastgesteld:
Toepassen van grond met bodemvreemd materiaal (par. 5.4.1)
Toepassen van grond op gevoelige functies (par. 5.4.2)
Toepassen van lood-houdende grond in tuinen (par. 5.4.3).
Toepassen van grond op bedrijfs- en industrieterreinen (par. 5.4.4)
Uitwisselen van grond tussen bermen van (spoor)wegen (par. 5.4.5)
Uitwisselen van grond tussen boomgaardpercelen (par. 5.4.6)
Ontgraven van grond t.b.v. kabels, leidingen en riolering (par. 5.4.7)
Ontgraven van grond dieper dan 2 meter (par. 5.4.8)
Verspreiden van bagger op de landbodem (par. 5.4.9)
Tijdelijke opslag van grond en bagger (par. 5.4.10)
Het toepassen van grond, ongeacht de kwaliteit, is alleen toegestaan als:
De toepassing op grond van artikel 35 van het Besluit bodemkwaliteit aangemerkt kan worden als een nuttige en functionele toepassing
De grond voldoet aan alle Generieke eisen uit het Besluit bodemkwaliteit of (aanvullend hierop) aan de vastgestelde Gebiedsspecifieke beleidsregels uit deze Nota.
Hoofdstuk 5.
Artikel 5.4
Niet-zone gerelateerde beleidsregels
Onderdeel van Besluit van de gemeenteraad van de gemeente Vijfheerenlanden houdende regels omtrent grondverzet en bodemsanering