Schulden vormen niet alleen een probleem voor de inwoner met schulden zelf, maar ook voor de omgeving, de schuldeiser(s) en de maatschappij. Inwoners met schulden vinden het moeilijk deel te nemen aan het dagelijks leven. Zij ervaren veel stress en dat werkt negatief door op het gebied van fysieke en psychische gezondheidsklachten. Het kan tot spanningen leiden binnen een gezin en het kan invloed hebben op de opvoeding en het welzijn van kinderen. Het lukt in veel gevallen minder goed om het (sociaal) netwerk te onderhouden en om maatschappelijk mee te doen.
Schulden leiden tot persoonlijke problemen en hoge maatschappelijke kosten. Voor kinderen die opgroeien in armoede en de stress ervaren van schuldenproblematiek bij ouders, heeft dit nadelige gevolgen voor de ontwikkeling. Ook het vinden en behouden van werk wordt belemmerd, en in een uitkeringssituatie wordt re-integratie bemoeilijkt.
Bovenstaande laat zien dat de noodzaak, om effectief beleid te ontwikkelen, rond de aanpak van schulden groot is. In dit hoofdstuk gaan we dieper in op de gebruikte begrippen in dit beleidsplan en onderbouwen we het beleidsplan aan de hand van cijfermateriaal.
1.1Begrippen
(Schuld)preventie: is een mix van maatregelen, activiteiten en voorzieningen die erop gericht zijn dat mensen financieel vaardig worden en zich zo gedragen dat zij hun financiën op orde houden (NVVK, 2015).
Vroegsignalering: is het in een zo vroeg mogelijk stadium in beeld brengen van mensen met financiële problemen, om vroegtijdige hulpverlening mogelijk te maken door gebruik te maken van daadwerkelijke signalen en outreachende hulpverlening (NVVK, 2015).
Integrale schuldhulpverlening: is het actief ondersteunen van een inwoner bij het vinden van een oplossing voor zijn/haar financiële problemen, maar ook bij het vinden van een oplossing voor de eventuele oorzaken hiervan of voor omstandigheden die verhinderen dat de financiële problemen kunnen worden opgelost (NVVK, 2012).
Brede schuldenaanpak: het kabinet zet in op het voorkomen van problematische schulden, treft maatregelen om problematische schulden terug te dringen en maakt afspraken met gemeenten om meer mensen met schulden effectiever te helpen. Deze aanpak bestaat uit een veertigtal maatregelen om de schuldenproblematiek terug te dringen. In het samenwerkingsverband ‘brede schuldenaanpak’, werken veel organisaties samen die nauw betrokken zijn bij de schuldenproblematiek. Het gaat onder andere om de Belastingdienst, het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB), UWV, SVB, gemeenten en de vereniging voor schuldhulpverlening en sociaal bankieren (NVVK, 2018).
Problematische schuldsituatie: de situatie waarin van een natuurlijk persoon redelijkerwijs is te voorzien dat hij niet zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden, of waarin hij heeft opgehouden te betalen (NVVK, 2012).
1.2Landelijke feiten en cijfers
In het kader van het actieplan ‘Brede Schuldenaanpak’ heeft het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW), behoefte aan kwantitatieve informatie over schulden. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft de opdracht gekregen om onderzoek te doen, waarmee we inzicht krijgen in de aard en omvang van de (geregistreerde) schuldenproblematiek per gemeente. In augustus 2020 presenteert het CBS het dashboard. De cijfers hebben betrekking op 2018.
Waar we het voorheen moesten doen met schattingen om de schuldenproblematiek te omschrijven, baseert het CBS zich in dit onderzoek, voor het eerst op landelijke registraties van schulden en betalingsachterstanden bij verschillende instanties.
Uit dit onderzoek blijkt dat op 1 januari 2018, ruim 650 duizend huishoudens in Nederland kampen met problematische schulden. Dat is ruim 8% van het totaal aantal huishoudens in Nederland. Slechts 1 op de 6 huishoudens met schulden blijkt in beeld te zijn met een vorm van hulpverlening. In ruim een kwart van de huishoudens met schulden, heeft minstens één persoon een bijstandsuitkering. Dit is ongeveer vier keer zoveel als bij huishoudens zonder schulden. Ook huishoudens met een inkomen uit een eigen onderneming’, hebben vaker te maken met problematische schulden.
Problematische schulden komen vaker voor in de leeftijdsgroep van 25 tot 65 jaar, personen met een niet-westerse migratieachtergrond, laagopgeleiden en huishoudens met kinderen. In huishoudens met probleemschulden, hebben personen vaker te maken met geestelijke gezondheidszorg en jeugdzorg.
Verlies van een baan en vervolgens in de bijstand komen, verdacht worden van een misdrijf, het stoppen met volgen van onderwijs zonder een startkwalificatie te behalen en het uit elkaar gaan met een partner zijn voorbeelden van life events met een relatief hoge kans op het ontstaan van geregistreerde problematische schulden.
1.3Lokale feiten en cijfers
Het CBS-dashboard verstrekt informatie over het aantal huishoudens met geregistreerde schulden per gemeente. In absolute en relatieve cijfers ziet dat er voor de schuldenproblematiek in onze gemeenten als volgt uit;
Tabel 1: cijfers CBS geregistreerde schuldenproblematiek per gemeente per 01-01-2018
Nederweert
Echt-
Susteren
Leudal
Maasgouw
Roerdalen
Huishoudens
met schulden
330
930
710
560
600
Huishoudens zonder
schulden
6.930
13.240
14.740
9.900
8.740
%
4,5%
6,5%
4,6%
5,4%
6,4%
Een van de belangrijkste bevindingen uit het CBS-onderzoek is dat slechts 1 op de 6 huishoudens met problematische schulden in beeld is bij een vorm van hulpverlening. Of dat in onze gemeenten ook geldt, is met de huidige cijfers niet te achterhalen. Wel weten we het aantal mensen dat in beeld is bij de professionele schuldhulpverlening. In de gemeenten Nederweert, Echt-Susteren, Leudal, Maasgouw en Roerdalen voert Plangroep de taken uit op het gebied van de professionele schuldhulpverlening.
Onderstaande tabel geeft inzicht in het aantal aanmeldingen en mensen in behandeling bij Plangroep per gemeente:
Tabel 2: aantal aanmeldingen en mensen in behandeling bij Plangroep per gemeente op 31-12- 2019
Gemeente
Nieuwe aanmeldingen
Totaal in behandeling
Echt-Susteren
69
285
Leudal
173
274
Maasgouw
46
173
Nederweert
28
95
Roerdalen
51
221
Bron: Jaarverslag Plangroep Echt-Susteren; Leudal; Maasgouw; Nederweert; Roerdalen, 2019)
Naast de professionele schuldhulpverlening zijn er meer organisaties binnen de gemeenten, die zich bezighouden met inwoners met schulden en ondersteuning bieden op het gebied van financiële problematiek. Deze organisaties kunnen verschillen per gemeente. Het Algemeen Maatschappelijk Werk Midden-Limburg (AMW-ML) is actief in alle vijf de gemeenten. Uit het jaarverslag 2019 blijkt dat 22% van de hulpvragen te maken hebben met problemen rondom financiën. Deze hulpvraag staat daarom op nummer 1. Het AMW-ML biedt trainingen en cursussen op het gebied van geld en werk en verwijst indien nodig en/of wenselijk door naar andere organisaties op het gebied van (schuld)hulpverlening.
Uit het CBS-onderzoek blijkt dat, landelijk gezien, in ruim een kwart van de huishoudens met geregistreerde schulden, tenminste één persoon een bijstandsuitkering heeft. Dit toont aan dat er in veel gevallen een relatie is, tussen een laag inkomen en schuldenproblematiek. Onderstaande tabel geeft inzicht in het aantal huishoudens waarin minimaal één persoon een bijstandsuitkering heeft, het aantal huishoudens met een inkomen tot 120% van het bijstandsniveau, het aantal huishoudens met minderjarige kinderen die rond moeten komen van een inkomen tot 120% van het bijstandsniveau en werkloosheidscijfers.
Tabel 3: aantal huishoudens waarin sprake is van een bijstandsuitkering en inkomens tot 120%
Echt-
Susteren
Leudal
Maasgouw
Nederweer
t
Roerdalen
Huishoudens in de bijstand (afgerond op tientallen)
(2020)
440
320
260
120
280
Huishoudens tot
120% (2019)
1529
1268
950
864
891
Huishoudens met kinderen <18 tot
120% (2019)
153
253
142
103
165
Werkloosheid
(voor corona)
2,8%
2,5%
2,6%
2,4%
2,7%
Zoals benoemd is er in veel gevallen een relatie tussen een laag inkomen en schuldenproblematiek. Het één komt echter ook voor zonder het ander. Inwoners die leven in armoede hebben niet per definitie schulden en een inwoner met schulden leeft niet per definitie van een inkomen tot 120% van de bijstandsnorm.
Huishoudens met een inkomen uit een eigen onderneming hebben relatief vaker te kampen met problematische schulden volgens het onderzoek van het CBS.
Onderstaande tabel laat zien om hoeveel huishoudens, met een inkomen tot 120% als ZZP’er, het gaat in onze gemeenten. Het betreft cijfers van 2019.
Tabel 4: aantal personen in huishoudens met een inkomen als ZZP’er tot 120% van het sociaal minimum per gemeente (2019)
Gemeente
Aantal personen in huishoudens met een inkomen als ZZP’er tot 120% van het sociaal minimum
Echt-Susteren
152
Leudal
138
Maasgouw
89
Nederweert
76
Roerdalen
80
Bron: Armoede en minimascan gemeenten
Artikel 1.