1. Het algemeen bestuur heeft met betrekking tot de aan openbaar lichaam opgedragen taken alle bevoegdheden en verricht alle taken voor zover deze niet bij of krachtens wettelijke regelingen of deze regeling rechtstreeks aan het dagelijks bestuur of aan de voorzitter zijn op- of overgedragen.
2. Het algemeen bestuur kan, binnen het kader van het doel zoals omschreven in artikel 4, besluiten tot het oprichten en deelnemen in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen dan wel het ontbinden daarvan of het beëindigen van deelname daaraan. Artikel 31a van de Wet gemeenschappelijke regelingen is hierop van toepassing.
3. Het algemeen bestuur kan de uitoefening van de door hem te bepalen bevoegdheden volgens door hem te stellen regels overdragen aan het dagelijks bestuur, de voorzitter of aan commissies als bedoeld in artikel 19 van deze regeling.
Niet kan worden overgedragen de bevoegdheid tot:
a. het vaststellen en wijzigen van de begroting;
b. het vaststellen van de jaarrekening;
c. het vaststellen en wijzigen van jaarplannen en werkplannen;
d. het vaststellen en wijzigen van verordeningen;
e. het besluiten over het toetreden tot, uittreden uit of wijzigen van de regeling;
f. het treffen, wijzigen, verlengen of opheffen van een gemeenschappelijke regeling tussen het RDOG HM en een ander openbaar lichaam, alsmede het toetreden tot en het uittreden uit een dergelijke regeling;
g. het oprichten en deelnemen in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen dan wel het ontbinden daarvan of het beëindigen van deelname daaraan;
h. het nemen van besluiten over het instellen van commissies als bedoeld in artikel 19 van de regeling.
§ 5.
Artikel 13
Artikel 13
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden