Het college verstrekt een PGB, indien de jeugdige of zijn ouders naar het oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat is tot een redelijke waardering van de belangen van de jeugdige en in staat is de aan een PGB verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. Zo nodig met hulp uit hun sociale netwerk, van een curator, bewindvoerder, mentor, gemachtigde, gecertificeerde instelling of een aanbieder van gesloten jeugdhulp.
Het college verstrekt géén PGB als er een ernstig vermoeden is dat de jeugdige of zijn ouders of de door hen ingeschakelde derde problemen zullen hebben met het omgaan met een PGB.
Hoofdstuk
Artikel 6.
Eigen kracht en redelijke waardering van belangen
Onderdeel van Nadere regels Jeugdhulp gemeente Eemsdelta 2021