1.. De aanvraag van een onttrekkingsvergunning wordt ingediend bij burgemeester en wethouders op een daarvoor opgesteld formulier en gaat vergezeld van de volgende informatie en bewijsstukken:

  • - de straat, het huisnummer en de kadastrale ligging van het gebouw waarop de aanvraag betrekking heeft;
  • - de reden van het verzoek;
  • - de namen en adressen van de eigenaar en de bewoners van de woonruimte(n) waarop de aanvraag betrekking heeft;
  • - gegevens over de huidige situatie, zoals huur- of koopprijs, aantal kamers, woonoppervlak, woonlaag en staat van onderhoud;
  • - gegevens over de beoogde situatie, zoals bestemming, bouwtekening/bouwvergunning en compensatievoorstel als bedoeld in artikel 4.1.8 lid 1;
  • - gegevens bij voorgenomen samenvoeging, zoals verwachte huur- of koopprijs, naam van de toekomstige bewoner, omvang van het huishouden van de toekomstige bewoner en schriftelijke verklaring van toestemming van de huurder.

2.. Burgemeester en wethouders kunnen bij beoordeling van aanvragen tot onttrekking ten behoeve van de uitoefening van een bedrijf advies inwinnen bij de Kamer van Koophandel.

3.. burgemeester en wethouders kunnen een vergunning verlenen voor tijdelijke onttrekking, indien de onttrekking voorziet in een tijdelijke behoefte. Tijdelijk betekent maximaal een periode van vijf jaar.

4.. Op of bij de onttrekkingsvergunning vermelden burgemeester en wethouders de volgende informatie:

  • - de woonruimte waarop de vergunning betrekking heeft;
  • - de mededeling dat binnen één jaar van de onttrekkingsvergunning gebruik gemaakt kan worden dan wel de termijn in geval van een tijdelijke vergunning;
  • - de opgelegde compensatie.