Een aspect van het begrip horecabedrijf is dat sprake moet zijn van bedrijfsmatigheid of een omvang alsof zij bedrijfsmatig is. De gemeente hanteert hierbij dat als wordt deelgenomen aan het economisch verkeer, sprake is van bedrijfsmatigheid. Feitelijk betekent dit dat er een dienst of goed tegen betaling wordt aangeboden. Ook kijkt de gemeente onder andere of:
het pand voor publiek is geopend;
het pand aan de buitenzijde duidelijk maakt dat er een horecabedrijf wordt geëxploiteerd;
de wijze hoe klanten worden geworven (reclame, website, social media, flyers enz);
de gehanteerde/gevraagde tarieven en prijzen;
het risico en de verdiensten uit het horecabedrijf voor de exploitanten zijn;
de exploitatie gevolgen kan hebben voor de openbare orde & veiligheid, het woon- en leefklimaat of voor overlast/hinder kan zorgen.
Met name bij bedrijven met ondergeschikte en/of kleinschalige horeca-activiteiten wil de lijn tussen bedrijfsmatig en hobbymatig wel eens ter discussie staan. De gemeente kijkt daarom altijd naar de feitelijke situatie om te beoordelen waar sprake van is.
Bedrijfsmatigheid bed & breakfasts (B&B)
In dat verlengde is al gekeken naar de bedrijfsmatigheid van kleine(re) bed & breakfasts. Hierbij acht de gemeente sprake van bedrijfsmatigheid als er:
meer dan twee kamers worden aangeboden; of
meer dan in totaal vier bedden worden aangeboden; of
de vergoeding voor een kamer of bed meer bedraagt dan € 25,- per overnachting4 bij de beoordeling onder c. dient rekening gehouden te worden met het jaarlijkse indexcijfer..
Artikel 3.1.2